Stichting Carlot

De stichting Carlot is opgericht in 2000. De werkzaamheden van de stichting concentreren zich op het behoud en in de vaart houden van een van de vijf reddingboten van de Carlot klasse: de Carlot. De stichting zet de werkzaamheden voort die de eerdere eigenaar die de Carlot vanaf 2000 onder beheer had. De wijze waarop zijn in voorliggend Beleidsplan uitgewerkt.

De MotorReddingBoot (MRB) Carlot werd gebouwd op de werf v/h H. Schouten N.V. te Muiden. Zij werd bekostigd uit de nalatenschap van mejuffrouw C. M. J. Meyer, die bij testament had bepaald, dat aan de boot de naam Carlot zou worden gegeven.

De Carlot, en haar zusterschepen de Bernard van Leer (1965), deGebroeders Luden (1965), de Johanna Louisa (1968) en deSuzanna (1968) zijn van het type Prins Hendrik (1951), doch 4,15 m breed i.p.v. 4,05 m.
Zij zijn uitgerust met twee Kromhout-dieselmotoren type 8 TS 117 elk 140 pk. De motoren zijn uitgerust met een hydraulische keerkoppeling reductie 3 : l, en de maximum snelheid bedraagt 10,6 knopen.
Bemanning 5 personen; geredden-capaciteit: 120 personen.
Deze boten waren oorspronkelijk alleen voorzien van dichte stuurhuizen. Alle vóór de Carlot gebouwde motorreddingboten hadden minstens één open stuurstand. Weliswaar hebben deze het voordeel, dat de schipper een onbelemmerd uitzicht heeft, doch het nadeel is dat de bemanning slechts gedeeltelijk beschut staat, hetgeen op lange tochten extra veel eist van hun uithoudingsvermogen. Dank zij het dichte stuurhuis wordt het zelfrichtend vermogen nog eens extra vergroot. Zijn namelijk alle deuren in dit stuurhuis gesloten dan vormt de “luchtbel” in het stuurhuis een zo grote opdrijvende kracht dat de boot eigenlijk niet meer kan omslaan. Bij de kantelproef met gesloten deuren richtte de boot zich onmiddellijk en was na 6 seconden weer in haar normale stand. Bij open deuren duurde het ± 50 seconden alvorens de boot zichzelf had gericht. De boten van het

type Carlot zijn door middel van 6 waterdichte schotten, 16 luchtkisten en 5 bodemtanks in 28 waterdichte afdelingen verdeeld. De stuurinrichting bestaat uit een door een telemotor bediende elektrisch hydraulische stuurmachine, met mogelijkheid tot hand-sturen. In het bovenstuurhuis zijn speciaal geconstrueerde slingerruiten aangebracht, alsmede een echolood, de afstandsbediening voor de radiotelefonie-toestellen, de intercom naar het onderstuurhuis en een magnetisch kompas. In het onderstuurhuis bevinden zich de radiotelefonie-toestellen, een automatische radiorichtingzoeker met vast kruisraam in de mast en de radarinstallatie, waarvan de antenne op het dak van het bovenstuurhuis is geplaatst.

Vanaf 1976 zijn de boten van het type Carlot voorzien van een ‘flying bridge’, een kleine open stuurstand om een beter zicht rondom te hebben.
In haar 39 dienstjaren maakte de Carlot 579 reddingstochten. Daarbij werden 799 mensen, negen katten, een hond en een duif gered.